spacer
banner_big
spacer
banner_small
header
Home > Nieuws
banner_1
spacer
spacer spacer

Project Hogeweg: vlakdekkend archeologisch onderzoek levert al de eerste belangwekkende resultaten (30/6/2011)

De context van het bouwproject

Op een terrein omgeven door de Hogeweg, de Sint-Bernadettestraat en de Scheeplossersstraat, komt er een nieuw woonproject geïntegreerd in een groene omgeving. Het nieuwe woonproject voorziet in 329 nieuwe wooneenheden. Hiervan zullen de sociale huisvestingsmaatschappijen 220 sociale huur- en koopwoningen realiseren. Het AG Stadsontwikkelingsbedrijf Gent (AG SOB) zal de resterende 109 private koopwoningen, samengesteld uit bescheiden woningen en appartementen, ontwikkelen. De coördinatie van het hele project is in handen van het AG SOB. Een belangrijke partner is de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen (VMSW), die samen met het Stadsontwikkelingsbedrijf instaat voor de aanleg van de infrastructuur en openbaar domein voor het nieuwe woonproject.



Archeologisch onderzoek

Enkele bescheiden opgravingen onder leiding van de Dienst Stadsarcheologie van de Stad Gent in de jaren 1980, beklemtoonden al het belang van deze locatie voor de kennisopbouw van het prestedelijke Gent. Vooral de twee grote cirkelstructuren, ontdekt met luchtfotografische prospectie door Jacques Semey (Universiteit Gent) en te interpreteren als grafmonumenten uit de Bronstijd, waren toen de grote blikvangers. Maar er waren ook aanwijzingen voor nederzettingen uit de ijzertijd, de Romeinse tijd en de Merovingische periode. De archeologische waarde van de site werd bevestigd door een proefsleuvenonderzoek, in 2010 uitgevoerd door de bvba Gate, in opdracht van de VMSW en het AG SOB . Beide vroegere archeologische onderzoeken leidden tot de randvoorwaarde dat het voorziene bouwproject pas kan worden gerealiseerd na de uitvoering van uitgebreide, vlakdekkende opgravingen. Via aanbesteding wees de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonendeze opdracht toe aan het archeologische bedrijf BAAC uit ?s Hertogenbosch (Nederland). Op 20 juni l.l. startten deze opgravingen. De financiering van dit onderzoek wordt gedragen door de VMSW en het AG SOB.



Werkmethode

Over het volledig op te graven terrein is een dambord geprojecteerd met vakken van 20 bij 45 meter. De zwarte vakken van het dambord worden vervolgens eerst opgegraven, waarbij een kraan laagsgewijs de bovengrond verwijderd om te komen tot het archeologische vlak waar de sporen zichtbaar zijn. Deze sporen zijn verkleuringen in de grond, veroorzaakt door menselijk handelen. Elke keer een mens een gat maakt in de grond blijft dit door de eeuwen heen zichtbaar als een iets donkere vlak in de gele grond. Hoe ouder de vlek, hoe lichter de kleur reeds is. Elk spoor wordt vervolgens ingetekend en volledig gedocumenteerd door ze uit te graven en te fotograferen. Wanneer de sporen van deze eerste putten zijn gedocumenteerd, gaan vervolgens de witte vakken van het dambord onderzocht worden. Alle documentatie en vondsten worden vervolgens verzameld en alle informatie wordt in een database opgeslagen. Na afloop van de opgravingen worden de resultaten in een rapport gepubliceerd;



De grafcirkels uit de Bronstijd

In het zuiden van het plangebied, maar nog steeds iets hoger gelegen in het landschap, werden al twee volledige grafcirkels blootgelegd. Deze grafcirkels omgaven oorspronkelijk twee grafheuvels waarin centraal een persoon was begraven. Deze grafheuvels werden al lang, vermoedelijk ten laatste in de middeleeuwen, afgegraven om het terrein te nivelleren en als landbouwgebied in gebuik te nemen. De ene grafcirkel heeft een diameter van ongeveer 20 meter en heeft binnenin een tweede greppel. De andere grafcirkel is opmerkelijk groter met een diameter van 32 meter, maar bestaat maar uit een enkele cirkel. Deze twee grafcirkels zijn echter slechts de kleine broertjes van de al eerder bekende grafcirkels die in het midden van het plangebied liggen. Deze hebben een diameter van 55 meter en 52 meter. De eerste bestaat uit maar liefst drie greppels en de tweede uit twee greppels.

Het onderzoek uit de jaren 1980 heeft de grafheuvels een datering in de midden bronstijd tot de vroege ijzertijd gegeven, dit is van 1800 tot 475 voor onze tijdrekening. Hopelijk kan het huidige onderzoek, met nieuwere technieken, de datering scherper stellen.



De huisplattegrond uit de vroege ijzertijd

In het noorden van het plangebied, op de flank van de dekzandrug, is een complete huisplattegrond aan het licht gekomen. Van dit woonstalhuis, waar vroeger zowel de mens als het vee onderdak vonden, zijn de verkleuringen van de paalkuilen, maar ook de plaats waar de wand werd vastgemaakt in de grond nog teruggevonden. Het huis is 14 meter lang en 5.5 meter breed. Op basis van de vorm en opbouw van het huis kan dit huis in de vroege ijzertijd worden geplaatst, dit is vanaf 800 tot 475 voor onze tijdrekening.



De Romeinse sporen

Eveneens in het noordelijke deel van het plangebied werd een dubbele Romeinse greppel gevonden. Het bestaan van één van deze greppels was al vastgesteld bij het proefsleuvenonderzoek door Gate bvba. Hij heeft een typische spitse vorm in doorsnede, met onderin een klein smal greppeltje. Dit type van gracht wordt over het algemeen gerelateerd aan militaire contexten, maar of dit hier ook het geval is, zal nog moeten blijken. Iets meer naar het zuiden werd een brandrestengraf gevonden. Dit dateert waarschijnlijk ook uit de Romeinse periode. Deze Romeinse sporen worden nog verder uitvoerig onderzocht.



Sporen uit de Tweede Wereldoorlog

Van het plangebied was bekend dat het in 1944 onbedoeld getroffen werd bij het bombarderen van het nabijgelegen rangeerstation. Van dit bombardement is er op dit ogenblik één bommenkrater aangetroffen. Verrassend echter is de vondst van een loopgraaf met een kilometerlengte en een bijhorende kuil waar waarschijnlijk een FLAK (Flugabwehrkanone) heeft gestaan. De loopgraaf heeft een vorm, typisch voor loopgraven in de Tweede Wereldoorlog: vanaf het loopvlak werden ze ongeveer 1 meter diep uitgegraven en waren ze slechts 50 centimeter breed. Op het oppervlak werden dan beschermingsbankjes aangelegd met de grond uit de loopgraaf of met zandzakjes. Van de bijhorende schuttersputjes, die al dan niet in verbinding stonden met de loopgraaf, werden twee types teruggevonden: het ene type is slechts 50 centimeter diep uitgegraven, terwijl het tweede type een diepte heeft van 1 meter. Ook hier werd de grond uit het putje gebruikt als beschutting.



Geleide bezoeken

Voor allen die dit onderzoek en de vorderingen van de archeologen bij het terreinwerk willen kennen of opvolgen, wordt er tweewekelijks een open-werfmoment georganiseerd, waarbij de archeologen onder leiding van projectarcheoloog Tina Dyselinck, toelichting zullen geven over de lopende werkzaamheden. Het eerste bezoek vindt plaats op vrijdag 15 juli e.k. Afspraak om 14u. aan de werfkeet, nabij de hoek van de Hogeweg met de Bermaaieweg. De volgende bezoeken zijn op vrijdag 29 juli, vrijdag 12 augustus, vrijdag 26 augustus, met vertrek telkens om 14u. aan de vermelde werfkeet. De bezoeken zijn gratis. Er zijn ook geen inschrijvingen op voorhand. Aangepast schoeisel is wel aangewezen.



Inlichtingen

* Project: AG SOB Stadsontwikkelingsbedrijf Gent, Sint-Jacobsnieuwstraat 17, 9000 Gent, projectverantwoordelijke Petra De Mey, tel. 09/2696956, fax 09/2696999, petra.demey@sob.gent.be.

* Archeologie: Dienst Stadsarcheologie, De Zwarte Doos, Dulle-Grietlaan 12, B-9050 Gentbrugge, tel. 09/266 57 60, fax. 09/266 57 87, e-mail stadsarcheologie@gent.be, www.archeoweb.gent.be



Bevoegd

- Project Hogeweg: de heer Tom Balthazar, Schepen van Milieu, Stadsontwikkeling en Wonen
- Archeologie: de heer Lieven Decaluwe, Schepen van Cultuur, Toerisme en Feesten

terug

spacer
spacer
spacer spacer
spacer
spacer
spacer
Virtueel museum
spacer Nieuws
arrow spacer Archief
spacer
Agenda
Informatiecentrum
Archeologie
Links
spacer
spacer
sites
spacer
spacer
spacer
spacer
sites
spacer
spacer
spacer
spacer
spacer
spacer
spacer
spacer
spacer
spacer